
De Leidse gemeenteraad sprak gisteravond over de stukgelopen formatie. Formateurs North en Van Kalken willen niet verder. Vijf partijen onderhandelen inmiddels over een nieuwe coalitie en bleken al over het concept-beleidsakkoord te beschikken, buiten D66 om. Een ordevoorstel om de vergadering te schorsen werd nipt tegengehouden door de nieuwe formerende partijen: 20 tegen 19 stemmen. De raad had vooral kritische vragen: waarom kwamen de spanningen niet eerder aan het licht en waarom kwam er geen mediation, terwijl D66 zegt hier wel om te hebben gevraagd?
Ashley North en Lianne van Kalken begeleidden als formateurs de onderhandelingen tussen PRO, D66 en het CDA. De partijen onderhandelden twee maanden en bereikten overeenstemming over de inhoud en financiën. Toch liepen de gesprekken op het laatste moment vast, omdat D66 een extra wethouderszetel eiste. Daarvoor was binnen de beoogde coalitie geen meerderheid.
De formateurs hadden drie bezwaren. Een extra wethouder zou volgens hen niet bijdragen aan meer samenwerking in de raad. Oppositiepartijen vroegen juist om meer ondersteuning voor de gemeenteraad zelf. Daarnaast kost een uitbreiding van het college ruim een half miljoen euro per jaar. Ook vonden de formateurs, kijkend naar de verkiezingsuitslag, dat geen van de drie partijen recht had op meer wethouders dan zij nu al hebben, ook D66 niet.
Tijdens het debat kwamen meerdere punten naar voren die het beeld uit de brief van de formateurs nuanceerden en waarover partijen elkaar rechtstreeks tegenspreken.
Zo liet Emma van Bree (PRO) weten dat tijdens de onderhandelingen ook serieus opties waren besproken voor een college met zeven wethouders. Dat is meer dan de vijf of zes wethouders waar de formateurs vanuit gingen.
Ook over mediation lopen de lezingen uiteen. Wietske Veltman (D66) zegt tijdens de gesprekken om een ander type begeleiding te hebben gevraagd om te voorkomen dat de onderhandelingen zouden vastlopen op samenwerking. Van Kalken zei dat dit verzoek nooit aan haar is voorgelegd. Zij gaf aan zelf ook als mediator te kunnen optreden, maar dat de partijen dit dan wel moesten willen. Ook Bree en formateur North konden zich een dergelijk verzoek niet herinneren.
De oppositie vroeg waarom het gebrek aan vertrouwen niet eerder was gesignaleerd. Van Kalken zei dat de formateurs dit wel hadden willen benoemen, maar niemand wilden beschadigen. Ze wilden het proces “technisch en clean” houden.
Beide formateurs waren gevraagd om aan te blijven voor een nieuwe formatieronde, maar zagen daarvan af. Het proces had hen persoonlijk veel gekost, naast hun andere werkzaamheden. North vroeg zich zelfs af of hij deze rol ooit had moeten aannemen: “Had ik wel ja moeten zeggen?”
Inmiddels zijn nieuwe coalitiegesprekken gestart tussen ChristenUnie, SVL, CDA, VVD en PRO. Tijdens het debat kwam de vraag naar voren of een coalitie van vijf partijen met samen twintig zetels stabiel genoeg is. Bij één afwijkende stem moet de coalitie opnieuw steun zoeken bij de oppositie. De betrokken partijen lieten weten voldoende vertrouwen in elkaar te hebben om dit niet als een probleem te zien.
De formateurs hadden twee voorstellen gedaan om de coalitie te redden. Die sloten niet volledig aan bij hun eerdere brief over de mislukte formatie.
Eerst stelden zij voor om binnen een college van vijf wethouders de verantwoordelijkheden anders te verdelen, zodat de werkdruk beter zou worden verspreid. Daarnaast opperden zij een college met een onafhankelijke wethouder. Deze wethouder zou geen binding hebben met een politieke partij en door de volledige gemeenteraad worden gekozen. Volgens de formateurs kon dit de kloof tussen coalitie en oppositie verkleinen.
D66 hield echter vast aan minimaal twee eigen wethouders, waardoor de onderhandelingen alsnog stukliepen. Volgens de formateurs draaide het conflict uiteindelijk niet alleen om het aantal wethouders, maar vooral om een gebrek aan vertrouwen. Daarbij speelde ook de Vattenfall-kwestie een rol, waarbij D66 afweek van de lijn van PRO en het CDA. Volgens de formateurs stapelden zulke momenten zich op, totdat de verhoudingen op de laatste zondagavond onherstelbaar beschadigd raakten.
PRO en CDA vormden samen met de formateurs het zogenoemde motorblok, de drijvende kracht achter het vervolg van de formatie. Daarna gingen zij op zoek naar nieuwe coalitiepartners en kwamen uit bij SVL, ChristenUnie en VVD.
De fracties wilden vooral weten waarom de spanningen tussen de partijen niet eerder waren gesignaleerd. Van Kalken antwoordde dat vertrouwen niet kan worden afgedwongen. “Wij kunnen de plant niet uit de grond trekken”, zei ze.
Volgens haar werd pas duidelijk hoe groot het probleem was toen zichtbaar werd dat het onderlinge vertrouwen onvoldoende aanwezig was. Achteraf hadden de formateurs hier meer aandacht aan willen besteden. Tijdens de informatieronde, voorafgaand aan de formatie, was daar volgens hen nog niets van te merken.
Uit de beantwoording bleek dat het conflict niet over inhoud of financiën ging, maar over gedrag en onderlinge verhoudingen. Als voorbeeld werd onder andere de Vattenfall-kwestie genoemd, waarbij D66 afweek van de lijn van de andere coalitiepartijen en hen verraste. Volgens hen stapelden zulke momenten zich op totdat het vertrouwen verdween.
Raadslid Thijs Vos (PS) diende daarna een ordevoorstel in. Dat ging niet over de inhoud van het debat, maar over het verloop van de vergadering. Hij vond het niet eerlijk dat de partijen die nu coalitiegesprekken voeren al beschikten over het concept-beleidsakkoord, terwijl de rest van de raad deze stukken niet had.
Vos stelde voor om de partijen op te roepen de stukken alsnog met de hele raad te delen en het debat te schorsen totdat de stukken waren bekeken.
Stefan Haas (SP) vroeg of D66 toestemming had gegeven om de stukken te delen. D66 liet weten hierover vooraf niet te zijn geïnformeerd. Vooral PS en SP vonden dit onwenselijk, omdat het niet bijdraagt aan het herstel van vertrouwen.
Het voorstel werd gesplitst. Eerst werd gestemd over het delen van de stukken en daarna over een schorsing van een half uur om ze te lezen. Met 20 tegen 19 stemmen werd de schorsing tegengehouden en ging het debat direct verder.
Emma van Bree benadrukte dat het concept-beleidsakkoord geen officiële status heeft, maar slechts een mogelijke bouwsteen is voor het vervolg. De financiële doorrekening werd niet gedeeld.
Het debat verzandde daarna in onbegrip, waarbij raadsleden elkaar rechtstreeks aanspraken in plaats van via de voorzitter. D66-raadslid Antje Jordan vroeg of ook D66 eigen stukken mocht delen, omdat de formatie volgens hen nooit officieel was beëindigd.
Raadslid Thijs (PS) opperde dat D66 en SP zelf een formatiepoging zouden kunnen starten, omdat er geen duidelijke regels zijn die dit verbieden. Burgemeester Peter Heijkoop bevestigde dat het reglement van orde, oftewel de regels, hierover niets vastlegt.
Van Bree blikte terug op het proces: er was voldoende inhoudelijke overeenstemming, maar niet genoeg vertrouwen en bereidheid om elkaar vast te houden toen het moeilijk werd. Op de vraag of D66 de stukken met andere partijen mag delen, antwoordde Van Bree dat dit mogelijk is als D66 een partij vindt die groot genoeg is om mee samen te werken.
Leiden Nieuws Politiek
Telefoon Redactie
071 - 5425160