
Leiden staat op de tweede plek in de lijst van financieel ongezonde steden, direct achter Groningen. Dat blijkt uit het jaarlijkse rapport van BDO. De VVD stelde vragen over deze score aan de wethouder van financiën, die erop wijst dat de lage score vooral het resultaat is van investeringen in een succesvolle stad.
Maarten de Crom van VVD wees wethouder Ashley North op het dinsdag gepubliceerde onderzoek, waaruit blijkt dat Leiden laag scoort in vergelijking met andere grote steden (van meer dan 100.000 inwoners) als het gaat om financiële gezondheid. De Crom wilde weten hoe de wethouder naar deze tweede plek op de ranglijst kijkt en of een schuldenplafond de risico’s kan beperken.
North reageerde op de resultaten en gestelde vragen. Hij stelde dat de lage ranking niet betekent dat Leiden het slecht doet. De stad kreeg namelijk een zeven als rapportcijfer. Hoewel een negen of tien wenselijker is, gaf de wethouder aan dat hij op de middelbare school bij sommige vakken met zo’n cijfer zeer tevreden zou zijn geweest.
Volgens North liggen de feitelijke risico’s in Leiden laag. De lage score komt mede door de ruime begrotingsmethode van de stad, waarbij kosten nog langdurig worden meegenomen. Hij voerde aan dat gemeenten die financieel gezonder lijken, vaak juist hogere risico’s lopen. Het heeft daarnaast ook te maken met investeringen van de gemeenten op de lijst en het rentepercentage daarvan.
Groeiende stad
Verder benadrukte de wethouder dat de investeringen Leiden een succesvolle stad maken. De stad staat steevast in de top vijf van meest leefbare steden, bouwt veel woningen en investeert fors in verduurzaming en vergroening, aldus de wethouder. In die context vindt hij de resultaten uit het rapport niet schrikbarend.
Over het voorgestelde schuldenplafond was North duidelijk: hij raadt dit af, maar benadrukte dat de uiteindelijke keuze bij de volgende coalitie ligt.
Economie Leiden PolitiekTelefoon Redactie
071 - 5425160