
Het Huis van Leyden, zo gaat het musuaal instituut heten dat ontstaat na verbouwing van een aantal historische panden aan het Rapenburg en het Pieterskerkhof in Leiden. Het college van burgemeester en wethouders steunt het particuliere initiatief en vraagt de gemeenteraad om in te stemmen met de herbestemming van de woningen.
Het gaat om een particulier initiatief van een stichting die de panden Rapenburg 48 en Pieterskerhof 4a en 4b (ook bekend als Old School) enkele jaren geleden aankocht en daar een nieuw cultureel instituut wil realiseren met kunst uit de Middeleeuwen en de Renaissance.
Geen klassiek museum
Volgens wethouder Terpstra gaat het nadrukkelijk niet om een traditioneel museum. “Het wordt geen museum dat dagelijks van negen tot vijf open is,” zegt hij. “Het Huis van Leyden wordt een instituut, met ruimte voor kunst, muziekuitvoeringen, educatie en ook voor rust en bezinning.” De kunstcollectie is particulier bezit en zal slechts tijdens specifieke periodes per jaar toegankelijk zijn voor publiek.
Gemeente faciliterend
De gemeente Leiden draagt financieel niet bij aan het project. “Het is echt een particulier initiatief, wij zijn als gemeente faciliterend,” benadrukt Terpstra. Wel is de gemeente nauw betrokken bij het proces, vanwege de ligging midden in de historische binnenstad. “Je wilt niet dat er ineens iets verschijnt dat niet past bij de omgeving. Daar hebben we scherp op getoetst.”
Opening voorzien in 2030
De verbouwing zal meerdere jaren in beslag nemen. Als de gemeenteraad instemt en de vergunning wordt verleend, kan de stichting zich voorbereiden op de bouwfase die de komende jaren van start gaat. De opening van het Huis van Leyden staat voorlopig gepland voor 2030. Terpstra is positief: “In mijn ogen ligt er een fantastisch plan, dat straks een mooie toevoeging wordt aan onze historische binnenstad.”
Verslaggever Elmar Bus in gesprek met wethouder Julius Terpstra over het Huis van Leyden:
Telefoon Redactie
071 - 5425160