
Niet meer in de tegenstellingen van coalitie en oppositie regeren, maar raadsbreed samenwerken. Dat was de uitgesproken ambitie van de nieuwe Oegstgeestse coalitiepartijen Progressief Oegstgeest, D66 en CDA. Maar het debat van donderdag toonde dat dit nog een lastige opgave gaat worden, want het coalitieplan om de onroerendezaakbelasting (OZB) te verhogen zorgde voor sterke onenigheid.
Hoofdschuddend zat VVD-fractievoorzitter Matthijs Huizing in de raadszaal. Zichtbaar geïrriteerd hoorde hij aan hoe de coalitiepartijen de keuze voor een OZB-verhoging verdedigen, een plan dat in het hoofdlijnenakkoord is opgenomen. “Net als vier jaar geleden, dit is een de ja vu”, zei de VVD’er. Concreet houdt het voorstel in om de OZB van 2027 tot 2030 jaarlijks met 4 procent te laten stijgen.
Huizing kon in zijn verzet op steun rekenen van Belang van Oegstgeest (BvO), die ook een motie indiende om de belastingverhoging helemaal van tafel te vegen. BvO-fractievoorzitter Marcus Rolloos was er duidelijk over: “Vroeger zeiden ze in de politiek weleens ‘de huis en de auto als melkkoe’. Daar hebben wij grote moeite mee.”
De BvO’er hield een pleidooi voor het snijden in de financiën van het dorp, in plaats van de spaarpot spekken met belastinggelden. Volgens Rolloos de redelijkere optie, want: “De coalitie houdt geen rekening dat een huis in waarde kan stijgen, zonder dat het inkomen van mensen stijgt.” Waardoor mensen dus harder geraakt kunnen worden in de portemonnee, zo vond de fractievoorzitter.
Huizing bewandelde met zijn kritiek een andere weg en vond dat de verhoging ‘onrechtvaardig’ was, omdat de belaste gelden niet binnen een kort tijdsbestek ingezet worden. De coalitie wil het geld namelijk in een soort spaarpot stoppen, die de gemeente in de toekomst kan gebruiken voor investeringen.
Huizing: “Deze belastingverhoging is bedoeld om de lasten over dertig jaar te bekostigen. Wij vinden het onrechtvaardig om mensen nu te laten betalen voor het gebruik van een zwembad over 25 jaar.”
De coalitie schoot vooral in de verdediging. Zo meldde CDA-fractievoorzitter Tobias van der Hoeven dat de gemeente in de toekomst voor grote financiële investeringen staat. “We zien nu een boetgolf aankomen. Als we er nu niet voor kiezen om te sparen om die boetgolf wat af te vlakken, vind ik dat wij geen verantwoordelijke keuze maken.”
Tom Groot van PrO viel zijn coalitiegenoot bij. “Er komen grote structurele kosten aan. Als we de OZB nu niet geleidelijk verhogen, dan ontkomen we later niet aan een draconische verhoging.” De motie van BvO werd vervolgens verworpen, enkel BvO en VVD stemden voor.
Daaropvolgend kwam een motie aan bod om de financiële gevolgen van het coalitieakkoord mee te nemen in de begroting van 2027. Voorstemmen betekende dus dat de partij zich enigszins kon vinden in het financiële plaatje van het akkoord.
Opvallend was dat de coalitiepartijen voor bovenstaand voorstel stemden en alle oppositiepartijen tegen. Het is een pijnlijk begin van de bestuursperiode van de nieuwe coalitie, want die had eigenlijk voor ogen om over de tegenstelling van ‘oppositie-coalitie’ te regeren. Maar het OZB-debat en de laatste stemming tonen dat er op dat gebied nog veel werk aan de winkel is.
Telefoon Redactie
071 - 5425160