
Al jarenlang staat Stichting ter Ondersteuning van de Dierenambulance-Vogelasiel Regio Leiden in de rode cijfers. Vanaf 2021 verduren ze – ondanks de donaties – bijna elk jaar een verlies van tussen bijna vierduizend tot negentigduizend euro. Daarom krijgen alle betrokken gemeenten een brief van de dierenliefhebbers met een alarmerend bericht: “Als dit zo doorgaat, moeten wij over drie tot vijf jaar onze deuren sluiten.”
De gemeenten waar de dierenambulance actief is, betalen de stichting momenteel tussen de 25 en 28 cent per inwoner. Wie zich afvraagt of dit veel of weinig is, krijgt van stichtingsvoorzitter Peter de Jong een zonneklaar antwoord: “Dat is heel weinig.”
Deze conclusie is ook terug te herleiden naar de stichtings financiële resultaten van de afgelopen jaren. Vanaf 2021 wist de vrijwilligersinstantie zichzelf enkel in 2025 – niet dankzij gemeentesubsidies, maar dankzij donaties – boven water te houden. Alle andere jaren stonden in het rood en voor 2026 is opnieuw een verlies van bijna 71 duizend begroot.
De verliesklappen incasseert de vrijwilligersorganisatie door beroep te doen op eigen reserves, maar die beginnen te verdampen. “Ooit hebben we een grote donatie gehad voor een nieuw vogelasiel. Daar teren we nu nog op. Maar over drie jaar is dat op. Daar hoef je geen economie voor gestudeerd te hebben”, zegt De Jong.
Daarom dat De Jong een brief stuurt naar alle gemeenten waarvoor zijn stichting vrijwilligerswerk uitvoert. Daarin verzoekt de voorzitter om de subsidie te verhogen naar een bedrag gebaseerd op één euro per inwoner. Ongeveer het viervoudige van wat de gemeenten nu uitkeren.
Tegelijkertijd is de vraag naar het flink hogere bedrag niet gek: “Andere gemeenten in Regio Holland Rijnland betalen tussen de 1,25 en 1,60 euro per inwoner”, zegt De Jong. Dat regio Leiden zo drastisch minder besteedt aan de dierenambulance, heeft geen duidelijke verklaring. “Ik denk dat er geen goede afspraken waren gemaakt.”
Volgens de Jong moesten de gemeenten wel even slikken toen ze het verzoek aanhoorden. “Ja, de wenkbrauwen gingen wel even omhoog en ze zeiden: ‘Oh, dat is vier keer zoveel’. Maar je vraagt om wettelijke taken over te nemen en het is een bewezen nood. Dat kost wat.”
Met ‘wettelijke taken’ bedoelt de dierenliefhebber de wettelijke plicht van de gemeente om gevonden en zwervende huisdieren op te vangen en te verzorgen. Deze opdracht draagt het dorpsbestuur nu deels over aan de stichting, die dat zonder winst en met (bijna) alleen maar vrijwilligers op zich neemt. Zo zet de organisatie dierenambulances in, maar beheert ze ook een vogelasiel.
“Wat er zou gebeuren als wij er niet meer zijn? Dan moet de gemeente zelf deze taak op zich nemen”, zegt De Jong. “Dan moeten zij zelf de telefoon opnemen en rondrijden.” Dat klinkt veel makkelijker gezegd dan gedaan, want met vijfduizend ritjes per jaar, vragen de werkzaamheden een hoop tijd. “In het hoogseizoen rijden wij 35 keer per dag uit”, stelt de voorzitter.
Voor een organisatie met ongeveer 100 vrijwilligers en drie dierenambulances (waarvan er maar één dagelijks echt uitrijdt), is dat een flinke klus. Vooral wanneer duidelijk wordt dat de stichting niet de hele dag beschikbaar is, maar van 9.00 uur tot 21.00 uur haar telefoonlijn open heeft staan. “Ja, mensen weten dat niet, maar er gebeurt écht wel wat.”
Vandaar dat De Jong zich gesterkt voelt in zijn aanvraag. “Er is niemand in de gemeenten die zegt: ‘Die dieren kunnen mij niets schelen’. Dus je moet keuzes maken. Want je kunt niet van een club mensen vragen om vrijwillig taken over te nemen en ze dan maar verlies te laten draaien. Ik vind dat als voorzitter niet netjes.”
Leiden Leiderdorp Maatschappij Nieuws Oegstgeest Voorschoten ZoeterwoudeTelefoon Redactie
071 - 5425160